Back to All Events

Bookstore Day zaterdag 25 mei: Floor Gerritsma toert door de Achterhoek

Floor Gerritsma (1973) signeert op zaterdag 25 mei bij Raadgeep & Berrevoets in Doetinchem, ter gelegenheid van Bookstore Day 2019. Ze is van 12:30 tot 13:30 in de winkel om te signeren en voor te lezen uit haar roman De doe-het-zelf-retraite.

Daarna gaat ze met haar uitgever (t)oerend hard door naar de Boek & Buro in Doesburg om daar te signeren om 15:30.

Floor ziet ernaar uit om naast haar trouwste fan haar vader, voormalig kno-arts Gerritsma, ook andere Achterhoekse lezers en oude bekenden te ontvangen.

De doe-het-zelf-retraite

De doe-het-zelf-retraite gaat over Roos, een vrouw die halsoverkop haar dagelijks leven ontvlucht. Even een weekje uitblazen in Portugal. Alleen. Zonder man, zonder kinderen. Algauw komen de vragen op haar af.

Wie ben je los van je gezin en je werk? Waarom ben je getrouwd met wie je bent getrouwd? En wat doe je met de ontrouw in je leven?

Heb je een dure retraite nodig om daar achter te komen of kun je het ook zelf oplossen? De doe-het-zelf-retraite is een ontwapenend verhaal over moed, alleen zijn, zoeken naar jezelf, en naar liefde. Met voldoende zelfinzicht en zelfspot weet Roos de weg naar zichzelf en naar huis terug te vinden. Alleen al het lezen van deze inspirerende roman voelt als een retraite op zich.

Interview

Floor Gerritsma: ‘Ik ben opgegroeid in Doetinchem, aan de Groenestraat, vlak bij de Kruisberg. Mijn vader was kno-arts in het Slingeland Ziekenhuis en ik herinner me mijn vroege jeugd als één grote zondagmiddag.

Eindeloos buitenspelen. Mijn zus en ik slopen door de tuinen van andere huizen om bij ons achterbuurmeisje aan te komen. We speelden met de bal op straat, in het bos en op het grasveld naast ons huis. Dat voor mijn gevoel heel groot was, maar als ik nu ga kijken vast een postzegel is omdat alles wat je je herinnert van vroeger niet met je is meegegroeid.

Ik ben geen geboren Achterhoekse, mijn vader kwam hier vanwege zijn werk, maar ik ben hier wel blij groot geworden. En natuurlijk was het niet allemaal één grote zondagmiddag. De zon scheen ook niet altijd. Er was verveling, er waren groeipijntjes, er was de scheiding van mijn ouders en al het bijkomende verdriet. Maar er was ook vrijheid, ik op mijn fiets naar mijn vrienden, het hockeyveld, naar Café Dinges op vrijdagmiddag. Vrijdagmiddag werd vanzelf vrijdagavond en als mijn moeder belde naar de barman om te vragen waar ik bleef, zei hij dat hij me niet gezien had omdat hij me zag wegduiken in mijn kraag. Om me daarna streng toe te spreken.

Ik woon nu in Amsterdam, mijn opgroeiende kinderen drinken bier in het park omdat ze de kroeg niet in mogen. Ik weet niet wie er beter af is. Ik ben de barmannen van café Dinges in ieder geval veel verschuldigd.

Het Ludger College, nog zo’n fijne plek. Een school die je ieder opgroeiend kind gunt. Ruimte voor eigenzinnigheid, voor jezelf zijn en een enorme drive om dingen met elkaar te ondernemen. Mijn halfbroertje en zusje hebben er ook weer op school gezeten en kwamen deels nog dezelfde docenten tegen.

Ik ging in Utrecht studeren en dacht dat ik als ik later groot zou zijn wel weer naar het oosten zou verhuizen. Het liep anders. Ik kwam een man tegen die al twee kinderen had en in Amsterdam woonde. Ik verhuisde naar het westen.

Mijn vader woont nog in Doetinchem, mijn moeder eerst in Hoog-Keppel (weer dat bos!) en nu in Doesburg. Als ik op bezoek ga, laat ik het gaspedaal voorbij Arnhem steeds meer met rust, alsof ik eindelijk kan uitademen en de drukte achter me kan laten.

Wie weet koop ik ooit, als ik later echt groot ben, een huisje in de Achterhoek, eerst nog maar wat boeken verkopen…’